Categorie archief: Nieuws

Beleid en praktijk: Succesvolle interventies voor 55-plussers

Interventies helpen ouderen op weg om meer te gaan en blijven bewegen. Maar een interventie kan alleen effectief zijn als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. In de Whitepaper Succesvolle inzet van interventies voor 55-plussers  lees je wat je als gemeente, buurtsportcoach of aanbieder van een interventie kunt doen om effectief aanbod te realiseren in de wijk voor alle ouderen die daar behoefte aan hebben.

 

Autonomie belangrijk voor zorgverleners in de thuiszorg

Het ervaren van autonomie is voor verpleegkundigen en verzorgenden van belang voor de aantrekkelijkheid van werken in de thuiszorg. Dit blijkt uit Nivel-onderzoek van Erica Maurits, die op 1 april promoveerde aan de Universiteit Utrecht.

Verpleegkundigen en verzorgenden in de thuiszorg die meer autonomie ervaren, vinden hun werk aantrekkelijker dan zorgverleners die minder autonomie ervaren. Autonoom werkende zorgverleners zijn meer bevlogen en minder geneigd de zorg te verlaten. Ook zijn zij meer tevreden over hun werk. Het proefschrift van Maurits laat bovendien zien dat verpleegkundigen graag zelf beslissen over de inhoud van de zorg, dat zij vrijheid willen hebben om het werk naar eigen inzicht in te delen en dat zij graag in zelfsturende teams werken.

Aandacht voor werkomstandigheden van belang vanwege personeelstekorten
Vanwege de personeelstekorten in de thuiszorg is het zaak om de werkzame zorgverleners in deze sector te behouden. Mede daarom is het van groot belang hun werkomstandigheden tegen het licht te houden. Aandacht voor autonomie van verpleegkundigen en verzorgenden in de thuiszorg, zowel in beleid als in de praktijk, is hierbij een essentieel punt.

Werken in zelfsturende teams bevordert de autonomie
De autonomie van verpleegkundigen en verzorgenden kan worden vergroot door met zelfsturende teams te werken en populatiegerichte en geïntegreerde thuiszorg te bevorderen. Het proefschrift laat zien dat zorgverleners in zelfsturende teams meer autonomie ervaren wat betreft hun zorg voor cliënten. Ook zijn zij meer tevreden met hun werk dan zorgverleners die in meer traditioneel georganiseerde teams werken. Daarnaast komt naar voren dat verpleegkundigen in de thuiszorg de verschillende aspecten van populatiegerichte en geïntegreerde thuiszorg aantrekkelijk vinden. Hierbij richten verpleegkundigen zich meer op het organiseren en coördineren van de zorg, waarbij aandacht is voor het bevorderen van zelfredzaamheid, het sociale netwerk van cliënten, voor preventie en voor gezondheidsbevordering in de wijk. Ook dit zal hen waarschijnlijk meer autonomie geven.

Aankaarten mogelijk disfunctioneren kan beter
Door verpleegkundigen en verzorgenden meer autonomie te geven is er minder zicht op hun functioneren. Dit vergroot de kans dat disfunctioneren van een zorgverlener onopgemerkt blijft. Om dit te voorkomen is het belangrijk dat zorgverleners hun vermoedens over disfunctioneren van een collega binnen hun organisatie melden. In het proefschrift komt naar voren dat hier nog ruimte is voor verbetering. Een substantieel deel van de verpleegkundigen en verzorgenden vindt het moeilijk om vermoedens over disfunctioneren van een collega binnen de organisatie aan te kaarten.

Via onderstaande link kunt u het hele proefschrift downloaden. Op blz. 211 staat een Nederlandstalige samenvatting.

Proefschrift_Erica_Maurits

Keuzehulp beweegprogramma’s valpreventie 65+

Veel verschillende factoren spelen een rol bij een valongeval, zoals omgevingsfactoren, medicatie en afname van spierkracht. Veiligheid.nl heeft een keuzehulp gemaakt waarmee de verschillen tussen vier valpreventieprogramma’s snel duidelijk worden.

Ook interessant is de rekenhulp Valpreventie. Hiermee wordt snel inzichtelijk gemaakt wat een valpreventieproject kost en oplevert.

Keuzehulp beweegprogramma’s valpreventie 65+

https://www.veiligheid.nl/valpreventie/interventies/keuzehulp-beweegprogramma-s-valpreventie-65-?utm_source=nieuwsbrief&utm_medium=email&utm_campaign=valpreventie_maart2019

Ouderen nemen valrisico voor lief om zelfstandigheid te behouden

Uit deze publicatie van het NPI blijkt dat het bewaren van hun zelfstandigheid de belangrijkste drijfveer is voor ouderen om te volharden in valrisico-verhogend gedrag. Daarnaast ontdekten de onderzoekers van deze kwalitatieve studie nog vijf andere thema’s die verklaren of ouderen hun gedrag aanpassen om valongelukken te voorkomen. Om valpreventieprogramma’s succesvol te implementeren is het belangrijk dat de uitvoerders kennis nemen van deze gedragsaspecten.

valrisico versus zelfstandigheid

 

Ouderen met Alzheimer verbeteren executieve functies door fysieke training

Beweeginterventies die een gunstige invloed hebben op de fysieke en cognitieve gevolgen van dementie lijken steeds meer aan bewijs te winnen. Met nog steeds geen genezing van dementie in zicht wordt het toepassen van relatief goedkope fysieke trainingsprogramma’s belangrijk om verdere fysieke en cognitieve achteruitgang te vertragen of mogelijk zelfs te voorkomen. Vooral bij mensen in een vroeg stadium van dementie of bij hoog-risicogroepen zouden er meer, voldoende intensieve en deskundig begeleide, fysieke trainingsprogramma’s in de buurt aangeboden moeten worden. Verwijzers en casemanagers moeten ook kennis hebben van deze programma’s. Het zou natuurlijk nog mooier zijn wanneer de overheid en zorgverzekeraars ook gaan inzien dat hiermee een belangrijke bijdrage geleverd kan worden aan het thuis laten wonen van mensen met dementie.

Verbetering executieve functies door fysieke training bij Alzheimerpatienten

Uit deze publicatie van het NPI blijkt dat zelfstandig wonende ouderen met Alzheimer-dementie hun executieve functies verbeteren door fysieke training. Executieve of uitvoerende functies zijn al die regelfuncties van de hersenen die essentieel zijn voor het realiseren van doelgericht en aangepast gedrag (zie kader). Bij ouderen met dementie gaan de executieve functies vaak harder achteruit dan andere cognitieve functies, waardoor het uitvoeren van dagelijkse activiteiten steeds moeilijker wordt.

Valpreventie via tele-revalidatie thuis is haalbaar en effectief bij chronisch zieke ouderen

Volgens een publicatie van het NPI vallen ouderen met één of meer chronische aandoeningen  minder als ze na een ziekenhuisopname zes maanden thuis, met begeleiding op afstand, een valpreventie-programma volgen.

Valpreventie via telerevalidatie is haalbaar en effectief

Dit onderzoek laat zien dat begeleiding en samenwerking tussen fysiotherapeut en verpleging bijdraagt aan de therapietrouw (OTAGO) en een gunstige invloed heeft op het valrisico. Hiervoor hoef je dus niet altijd bij de cliënt aanwezig te zijn.

Ouderen zelfredzamer door adequate overdracht van ziekenhuis naar revalidatie en thuis

ouderen zelfredzamer na goede overdacht

Uit deze publicatie  van het NPI blijkt dat ouderen die bij de transitie van ziekenhuis via geriatrische revalidatie naar huis een zorgpad volgen, zich beter redden beter en dat hun mantelzorgers zich minder belast voelen dan wanneer de continuïteit van zorg niet wordt gestroomlijnd.

Deze bevindingen zijn waarschijnlijk niet specifiek voor Maastricht, maar voor de hele Nederlandse situatie toepasbaar. Opvallend is dat de verbeteringen na 9 maanden
niet meer aanwezig zijn. Dat impliceert dat de voortzetting naar de 1e lijn minder goed
verloopt en dat het belangrijk is om de 1e lijn meer te betrekken in de samenwerking met de geriatrische revalidatiezorg.

Een pluspunt van deze studie is dat ze niet alleen naar de oudere zelf, maar ook naar diens
mantelzorger hebben gekeken. Door de veranderde situatie in ons land, met als uitgangspunt
een oudere zo lang mogelijk thuis te laten wonen, is de rol, en daarmee de belasting, van de
mantelzorgers steeds groter geworden. Voor hen is het ook belangrijk dat duidelijk is welke
zorg noodzakelijk is en welke rol zij daarin kunnen spelen.

Ouderen met valverleden zijn minder stabiel bij stappen over obstakel

Uit een publicatie van het NPI blijkt dat ouderen die in het afgelopen jaar gevallen zijn, hun looppatroon meer variëren in aanloop naar een obstakel, dan ouderen zonder valverleden.

Canadese onderzoekers van deze transversale studie vermoeden dat de eerder gevallen ouderen uit voorzichtigheid hun looppatroon aanpassen. Dit werkt echter averechts: door het verstoorde loopritme worden zij instabieler en lopen juist meer risico op een val.

Het is daarom raadzaam om niet alleen het onverstoorde lopen te analyseren bij ouderen, maar ook te bekijken hoe zij omgaan met obstakels waarbij de variatie tussen de stappen een relevante uitkomstmaat is. Het is bekend dat het ontwijken van obstakels door training kan verbeteren. Het oefenen met obstakels past daardoor goed binnen het functioneel behandelen van ouderen met valproblematiek.
ouderen met valverleden minder stabiel

Herhaald oefenen van taken traint zowel spierkracht als activiteiten

Uit een publicatie van het NPI blijkt dat herhaald oefenen van taken de spierkracht verbetert bij mensen met een beroerte, waarbij gelijktijdig de activiteit van armen en benen verbetert.

Herhaald oefenen taken traint spierkracht en activiteiten

Krachtsverlies na een beroerte is een van de belangrijkste functies die bijdraagt aan beperkingen van activiteiten. Een relatief geringe verbetering van spierkracht kan leiden tot een aanzienlijke verbetering van zelfredzaamheid. Voor behandelaren is het belangrijk om te weten welke interventies de spierkracht kunnen verbeteren en wat het effect hiervan is op het dagelijks functioneren na een beroerte.

Goede loopvaardigheid zegt weinig over maatschappelijke participatie van MS-patiënten

Uit een publicatie van het NPI blijkt dat als patiënten met Multiple Sclerose (MS) beter lopen, dat niet wil zeggen dat zij ook meer of beter participeren in het sociaal-maatschappelijk leven. Uitkomstmaten die activiteit meten zijn derhalve niet geschikt als maat voor participatie, aldus de onderzoekers.

Wanneer het doel van de revalidatie is de participatie in zijn algemeenheid te verbeteren, zal gekozen moeten worden voor een geïndividualiseerd multidisciplinair behandelprogramma waarbij onder andere ergotherapeuten, fysiotherapeuten, neuropsychologen en maatschap

loopvaardigheid en maatschappelijke participatie MS patiënten